Hij is de bekendste Nederlands kampioen sinds Peter Dalhuijsen (2007) en Rolf Slotboom (2005). Lex Veldhuis gaf nog een extra tintje aan zijn titel door headsup van zijn goede jeugdvriend Sybe Smit te winnen. PokerNews zocht de twee op en sprak  over Vlissingen en de nieuwe invulling van de poker lifestyle.

Lex Veldhuis (27) en Sybe Smit (26) kennen elkaar al sinds de peuterspeelzaal. Allebei zijn ze geboren in Vlissingen, havenstad in het westen van Zeeland. De stad is de enige ‘echte’ stad in de kleine provincie. Vlissingen heeft een rijke geschiedenis, met zeebonk Michiel de Ruyter als grote held. Michiel de Ruyter is een prototype van de mentaliteit van de Vlissinger. Eigenwijs, arrogant, maar met een ijzersterke wil om te komen tot grootse daden. De mentaliteit die bij veel Vlissingers is ingebakken. Ook bij Veldhuis en Smit.

Veldhuis: We zaten samen op de peuterspeelzaal in Papegaaienburg. We waren twee, dus eigenlijk weten we daar natuurlijk niks meer van.
Smit
: Er moeten nog wel foto’s van zijn. Ik weet nog dat we bij Juf Ankie zaten. Dat was een vriendin van mijn familie, daarom ken ik haar nog.
Lex
: Eigenlijk doen we het elk jaar nog wel een paar keer, even herinneringen ophalen van de basisschool en de middelbare. Al onze vrienden zijn eigenlijk vrienden van vroeger. En al die vrienden zijn inmiddels ook verhuisd naar de Randstad. De meeste mensen waarmee ik tegenwoordig omga, zijn mensen die ik al vanaf mijn zevende ken, allemaal van dezelfde basisschool.

Welke?
Smit
: De Vlissingse Schoolvereniging. Maar de meeste herinneringen komen toch uit de tijd dat we naar het Scheldemond gingen. Het was vooral veel uitgaan, zuipen, blowen op voetbalveldjes. Alle dingen die we voor het eerst deden, hebben we samen gedaan. Voor het eerst samen uit, samen voetballen, samen op tennis gezeten. En natuurlijk het spijbelen, in de stad hangen, biefstukken bakken.
Veldhuis
: Het was op school echt een hele tijd heel dramatisch. Toen speelde ik ook al Starcraft. We hadden eigenlijk meer spijbeluren dan schooluren. Een paar jaar hebben we goed verneukt.
Smit
: We waren hard aan het puberen en Zeeland werd voor ons te klein. Wij wilden meer. Het grote verschil tussen Zeeland en de Randstad is dat het in de Randstad veel relaxter is. Er staat minder druk op je om te presteren, waardoor de prestaties die je haalt, ook beter zijn.

Wat is jullie mentaliteit. Jullie zijn wel echte Vlissingers toch?
Veldhuis
: Ik weet het niet. We zijn wel allebei nog veel in Zeeland en zijn ook trotse Zeeuwen. Ik denk dat je vooral de havenstad in ons terugziet. Kattenkwaad uithalen, best wel hard puberen, opstandig zijn. Dat zie je ook terug in het poker. Poker is in onze maatschappij niet echt normaal. Maar mensen uit Vlissingen doen alles net even anders dan anderen. Torentje klimmen, bootjes bouwen.
Smit
: Je wil naar de top, dat was vroeger met het kattenkwaad, nu met poker. Wij willen altijd vooruit.
Veldhuis
: Ik heb ook altijd gezocht naar iets aparts. Heb me altijd afgezet tegen de gevestigde orde. Toen waren dat mijn ouders, nu de maatschappij.
Smit
: En echt verhalen zijn er niet hoor. Ja, we hebben weleens stront tegen de muren gesmeerd bij leraren, maar het is meer een continue stroom van dingen die we samen deden. Daar zaten rare dingen bij, maar die maken we nog steeds mee. Zo gingen we in Vilamoura één whiskytje drinken. Daar kwamen wat gasten bij en voor we het wisten gingen we om vijf uur ’s ochtends met flessen wijn erbij skinnydippen. We zijn in elk geval niet oud en saai geworden. We zijn verantwoordelijker, dat wel, maar als we gaan, gaan we in de vijfde versnelling.
Veldhuis
: We gaan nog maar eens per een of twee weken op stap. Ik heb zo lang zo slecht geleefd en nu heb ik behoefte aan een enigszins normaal leven. Vroeger had ik weleens twee maanden op rij dat ik om acht uur ’s avonds wakker werd. Dat is gewoon ongezond. Ik zat alleen maar hamburgers te vreten en voor de hele nacht shoarma te bestellen. Precies wat je van een pokerspeler in die tijd verwachtte. Dat heb ik heel lang zo gedaan. Nu ben ik fit en verantwoordelijk. Ik open mijn post weer, ben heel veel met de zakenkant van poker bezig: kleine projectjes, sponsordingen. Ik was op momenten voor helemaal niemand bereikbaar. Ik was alleen bezig met beter worden.

Op dit moment wonen jullie samen en is alles weer gericht op beter worden. Ben jij bang dat je net zo gek wordt als Lex?
Smit
: Nee, ik denk dat dat wel meevalt. Ik wil wel van iedereen kunnen winnen. Ik ga online ook niemand uit de weg. En ja, daar hoort soms ontzettend veel agressie bij, dat je echt zit te beuken en te rossen. Lex en ik denken ongeveer hetzelfde over poker, al hebben we wel allebei een eigen stijl.
Veldhuis
: Ik zit weleens bij hem te kijken en dan denk ik: Vuile gek, waar ben je nou mee bezig? Het gaat er links en rechts in. Wel vet om te zien. Ik zie bij Sybe rauw talent dat nog iets moet worden bijgeschaafd. Het is cool om te zien dat het bij mij vier jaar geleden precies zo was. Ongeremde agressie. Elke pot denken over hoe je die kan winnen, ook al heb je een complete airball.

Spelen jullie veel headsup tegen elkaar? Daar leer je immers veel van.
Smit
: Nee, de enige keer dat we dat deden was bij de Dutch Open eigenlijk.

Hoe hebben jullie die beleefd?
Veldhuis
: Eigenlijk heel relaxed om met je beste maat een toernooi te spelen. Je kan echt jezelf zijn. Lekker klagen over dingen die er niet toe doen.
Smit
: In de pokerwereld kom je ook steeds dezelfde mensen tegen. In principe is poker het enige raakvlak dat je met ze hebt. Verder niets. Wij hebben al ons hele leven dingen samen meegemaakt. In de pauzes kun je daardoor ook echt even ontspannen en je hoofd leegmaken.
Veldhuis
: Klopt. Ik wil nog weleens mijn hoofd kwijtraken in agressie. Dan zeggen mensen in het poker dat ik rustig aan moet doen. Sterf, is dan het enige dat ik denk. Het gaat het ene oor in en het andere uit. Dat is niet lelijk bedoeld, maar je speelt poker echt voor jezelf en het interesseert anderen echt niet hoe ik het doe. Daarom ga ik ook niet zeggen van: Ja, misschien heb je wel gelijk. Zo werkt het gewoon niet. Maar met Sybe is de vriendschap onvoorwaardelijk en zijn die opmerkingen wel gemeend.

Wat zeggen jullie in de pauzes tegen elkaar?
Smit
: Niet veel, we staan een beetje grapjes te maken. We bespreken maar een paar handen.
Veldhuis
: Het gebeurt ook heel vaak dat de één een hand vertelt en dat de ander alleen maar staat te lachen en nee te schudden. Begint ook vaak met: de ander was heel agressief, dus ik 3-bet met 4-3-offsuit. Het is wel strategisch natuurlijk, maar als handen uit je systeem zijn, kun je ook weer fris verder.

En hoe is het om samen als chipleaders bij de laatste 30 weer naar het casino te lopen?
Smit
: Relaxed. We liepen al grapjes te maken over hoe we het met het geld gingen doen. Een goede ontspannen sfeer dus. En cool natuurlijk dat we dan ook nog headsup komen ook.
Veldhuis
: En hij heeft natuurlijk weinig ervaring met eindfases, dus daar hebben we wel over gepraat. Hoe je die het beste kan spelen. Toen we headsup begonnen had ik 25 big blinds en hij 75. Daarna dubbelde ik en stonden we gelijk. We speelden diepe stacks, dus het was wel leuk spelen.
Smit
: Hij levelde me in een hand, waardoor ik uit mijn ritme raakte. Hij heeft me alles geleerd en dat is toch anders spelen. En dan maakt hij ook nog eens een supergoede call met boer-hoog.

Ja, wat dacht jij in die hand, Lex?
Veldhuis
: Ik denk dat hij daar heel weinig handen valuebet. Er lag A-Q-5-T-5. Hij bet op de river geen vrouw en al helemaal geen tien. Een aas bet hij op de turn wel, dus ik had het idee dat het niet klopte. Ik dacht dat elke hand die naar een showdown wilde of mij zou willen laten bluffen zou checken en elke hand die niets zou beaten, zou uitbetten.
Smit
: Het was ook een slechte bet van me. Ik miste ook de ervaring in sommige situaties. Nu heb ik die meegemaakt en zal ik ze wel herkennen. Lex is een stapje verder dan ik. Hij weet dat ik weet dat hij weet… Ik liep achter en ik kon het niet rechtzetten.

Je wordt dan tweede, je eerste grote live cash. Hoe is dat?
Smit
: Ja, dat is wel mooi. Het is vooral mooi om het met Lex te doen. Dit is toch net iets beter dan eerste en derde te worden. Eerste en tweede leverde mij een euforisch gevoel op.

En voor Lex helemaal denk ik? Hoe vaak is je wel niet verweten dat je niks hebt gewonnen?
Veldhuis
: Ik had het prima gevonden als het omgekeerd was geweest. Ik wil natuurlijk wel altijd winnen, maar had er vrede mee kunnen hebben als Sybe had gewonnen. Het eerste wat ik voelde na de winst was wel opluchting. Wat mensen als Rolf (Slotboom, PvK) zeggen, interesseert me echt helemaal niks. Ik speel niet voor iemand anders, maar voor mezelf. Ik wil juist te boek staan als slechte speler, want de meeste mensen die als heel goed te boek staan, die komen geen homegame meer binnen. Iedereen denkt dat ik een verliezende gokker ben. Daarom speel ik poker. Poker is een hustle, poker is geen schoonheidswedstrijd. Dus dat imago vind ik alleen maar perfect. Maar ik wilde zélf ook een keer een toernooi winnen en die opluchting voelde ik. Dat er een zak met stenen van mijn rug viel. En een toernooi winnen is helemaal niet moeilijk eigenlijk. Twee sleutelhanden krijgen en je zit 5- of 6-handed. Flipje winnen, een beetje agressie toevoegen, headsup twee goede beslissingen en het is klaar. Dat is niets te nadele van goede spelers, maar als je de capaciteit hebt om goed te kunnen pokeren, kan iedereen een toernooi winnen.

Waarom won je niet eerder dan?
Veldhuis
: Ik heb me vaak niet in staat gesteld om te winnen door debiele moves te maken. Ik zal niet elk toernooi optimaal hebben gespeeld. Hier en daar heb ik nog wat pech gehad of lukte het niet door onervarenheid. Het had net zo goed wel kunnen gebeuren, vorig jaar in de highroller bij de WSOP bijvoorbeeld. Dan had je niemand meer gehoord.

Wel grappig dat je grote tegenstrever ook ongeveer zo is begonnen. Die won ook het Dutch Open als eerste grote toernooi.
Veldhuis
: Het is toch ook het enige dat hij ooit heeft gewonnen? Het was bij hem meer het einde dacht ik. Ik vind hem een beetje een zielig ventje. Dat hij Nederlands kampioen is geweest, is leuk voor hem. Het interesseert me niet meer. Als hij een stuk schrijft over me, reageer ik ook al niet eens meer. Ik vind het niet erg. Ik laat hem met rust en hij zal mij niet met rust laten.

Een van zijn grootste punten in zijn column van een paar maanden geleden was dat jij overal op verlies staat. Op Poker Table Ratings, op de Hendon Mob.  Kun jij dat weerleggen?
Veldhuis
: Ik heb laatst een sessie 50-100 gespeeld. Een kleine sample en die tafels worden altijd goed gemonitord. Toen was ik 40.000 dollar up en op Poker Table Ratings stond 16.000 verlies, over 160 handen. Ik heb mijn Holdem Manager thuis. Dat is het enige nauwkeurige dat er is. Verder is het niemands zaak. Ik heb ook niet echt de behoefte het te weerleggen. Ik bedoel niet dat ik geen winnende speler zou zijn, dat ben ik wel. Anders moet ik echt wel knetterveel geld hebben geleend en dat terwijl ik altijd voor mezelf speel. Zelfs bij het Dutch Open heb ik niet eens procenten geruild met Sybe.
Smit
: We willen ook niet dat geld tussen ons in komt te staan. Degene die zou winnen, zou ook echt winnen, door keihard tegen elkaar te spelen. En voor mij was het toch al een overwinning om zo ver te komen. We zien elkaar elke dag, we sporten samen. Dan gun je het elkaar ook.

Wat voor sport doen jullie?
Veldhuis
: Kickboxen. Je moet toch een bepaald ritme aanhouden om optimaal te kunnen pokeren. Sinds een paar maanden gaat Sybe ook mee.
Smit
: Je merkt dat als je fanatiek sport je hoofd leeg is en je lichaam ontspannen. Dat is goed voor poker. De hele dag op bed liggen werkt niet meer.
Veldhuis
: Vier jaar geleden kon je op die manier nog winnen. Nu niet meer. Poker is een studie geworden, waarmee je op een gezonde manier bezig moet zijn. Vroeger kon het door alleen maar volume te maken. Nu moet je je dag echt goed indelen. Wij zijn er nu altijd op tijd uit. ’s Ochtends trainen, ’s middags spelen, nog wat relaxen en ’s avonds op tijd naar bed. Poker ontwikkelt zich echt heel hard als sport, of als werk, dat is net hoe je het wil zien. We trainen nu dagelijks bij Hans Nijman, daar krijgen we keiharde privéles.
Smit
: Het is echt elke dag een uur lang. Soms bijna tot kotsen toe. Maar als je dan eenmaal gedouched hebt en gegeten, voel je je zo lekker. Dan kan je nog een paar uur grinden en ook ’s avonds weer op tijd naar bed. En af en toe zuipen we een avondje, want dat hoort er natuurlijk ook bij.

Foto: Arjan Kleton