door Pieter van Klinken

BREDA – De 50-jarige M.S. was ontoerekeningsvatbaar toen hij zijn broer, met wie hij in één huis woonde, doodsloeg met een kandelaar. Hij krijgt daarom geen straf, maar moet worden opgenomen in een psychiatrische kliniek. S. moet worden geholpen aan zijn persoonlijkheidsstoornis, vonniste de rechtbank in Breda gisteren.

Het gebeurde 6 mei vorig jaar aan het Hoogeind in Breda. S. stapte de douche uit, pakte een zware massieve kandelaar van 1 meter hoog, liep naar de slaapkamer van zijn broer H. en sloeg zijn hersenpan in. Het kon mogelijk gebeuren door ontwenningsverschijnselen. Zijn anti-depressiva waren op en de dag ervoor was hij daarom naar de apotheek geweest. Die hadden het middel echter niet in huis, waardoor de man geen pillen had kunnen innemen. De psycholoog en een farmacoloog achtten de man daardoor ontoerekeningsvatbaar.

De rechtbank nam die conclusies over. De rechters vonden wel dat de man opzet had op het doden van zijn broer, waar advocaat Joost Dionisius nog tegen had gepleit. Die vond dat zijn cliënt volledig de weg kwijt was en totaal niet wist wat hij deed. Dat zou dan vrijspraak opleveren, vanwege het ontbreken van schuld. Maar de rechtbank gaf aan dat de man nadat hij 112 had gebeld precies kon zeggen wat hij had gedaan. Ook tegen agenten was hij zeer gedetailleerd in zijn verklaringen. ,,Dat laat zich niet verenigen met het ontbreken van ieder inzicht in de reikwijdte van zijn handelen’’, zei de rechter, die daarmee het bewijs vond voor schuld.

De autistische S. was eerder zelf ook al op zoek naar hulp voor zijn pychische problemen. De kans op herhaling is heel klein, dachten gedragsdeskundigen.